
Het peperkoekmannetje
Een versgebakken peperkoekmannetje komt tot leven en rent weg, terwijl iedereen hem vrolijk achterna zit.
Leeftijd
4-8
Woorden
1611
Auteur
Traditioneel volksverhaal
Hoofdstukken
1. Het oude vrouwtje 👵
Er was eens een oud vrouwtje.
Ze woonde met haar man in een huisje.
Ze waren een fijn stel.
Maar ze waren vaak alleen.
Ze hadden geen kinderen.
Op een dag kreeg het vrouwtje een idee.
"Ik bak een peperkoekmannetje," zei ze.
"Dan is het net een jongetje voor ons."
Het oude mannetje vond het geweldig.
"Wat een goed idee," zei hij.
2. Het peperkoekmannetje bakken 🧑🍳
Het oude vrouwtje ging aan de slag.
Ze mengde meel, boter en suiker.
Ze deed er gember en kruiden bij.
Ze rolde het deeg netjes uit.
De keuken rook heerlijk.
Ze sneed het deeg in de vorm van een jongetje.
Ze gaf hem rozijnen als ogen.
Ze gaf hem een rozijnenneus.
Ze gaf hem een rozijnenmondje dat lachte.
En rozijnenknopen op zijn buik.
"Perfect," zei ze.
Ze schoof het peperkoekmannetje in de oven.
Ze zette de wekker.
De geur van peperkoek vulde het huis.
"Mmm," zei het oude mannetje.
"Ik kan niet wachten."
3. Tot leven! 🎭
Toen de wekker ging, deed het vrouwtje de oven open.
Ze wilde het peperkoekmannetje eruit halen.
Maar toen gebeurde er iets ongelooflijks.
Het peperkoekmannetje sprong overeind.
Hij leefde!
"Pak me dan, als je kan!" riep hij.
Hij sprong zo de oven uit.
Hij rende over de keukenvloer.
Het oude vrouwtje hapte naar adem.
Het oude mannetje sprong op.
"Stop, stop!" riep het vrouwtje.
"We willen je opeten!"
Maar het peperkoekmannetje lachte.
Hij rende naar de deur.
Hij was heel snel.
Hij rende naar buiten en zong:
"Ren, ren, zo hard als je kan!
Je krijgt me niet te pakken, ik ben het Peperkoekmannetje!"
En hij lachte terwijl hij wegrende.
4. De achtervolging begint 🏃
Het oude vrouwtje en het oude mannetje renden achter hem aan.
Ze renden over het tuinpad.
Langs de bloemen.
Zo hard ze konden.
Maar het peperkoekmannetje was sneller.
"Stop!" riepen ze.
"Kom terug!"
Maar hij rende nog harder.
Hij voelde zich trots en blij.
Niemand kon hem pakken.
5. De koe 🐄
Het peperkoekmannetje rende door een weiland.
Daar stond een koe gras te eten.
Ze zag hem langs rennen.
"Jij ziet er lekker uit!" loeide de koe.
"Stop, dan kan ik je opeten!"
Maar het peperkoekmannetje lachte.
"Ik rende weg van een oud vrouwtje.
Ik rende weg van een oud mannetje.
En van jou ren ik ook weg!"
En hij zong weer:
"Ren, ren, zo hard als je kan!
Je krijgt me niet te pakken, ik ben het Peperkoekmannetje!"
De koe ging achter hem aan rennen.
Nu zaten er al drie achter hem aan.
Maar het peperkoekmannetje was nog steeds het snelst.
6. Het paard 🐴
Daarna rende het peperkoekmannetje langs een stal.
Daar stond een paard.
Het paard zag hem rennen.
"Jij ruikt heerlijk!" hinnikte het paard.
"Stop, dan kan ik je opeten!"
Het peperkoekmannetje lachte nog harder.
"Ik rende weg van een oud vrouwtje.
Ik rende weg van een oud mannetje.
Ik rende weg van een koe.
En van jou ren ik ook weg!"
Het paard galoppeerde achter hem aan.
KLOP KLOP KLOP gingen zijn hoeven.
Maar het peperkoekmannetje bleef sneller.
Hij rende en rende.
Hij vond het fantastisch.
"Niemand pakt mij!" riep hij.
7. Het varken 🐷
Het peperkoekmannetje rende langs een varkenshok.
Een varken rolde in de modder.
Het varken zag hem.
"Jij ziet er lekker uit!" knorde het varken.
"Stop, dan eet ik je op!"
Het peperkoekmannetje was nu supertrots.
"Ik rende weg van een oud vrouwtje.
Ik rende weg van een oud mannetje.
Ik rende weg van een koe.
Ik rende weg van een paard.
En van jou ren ik ook weg!"
Het varken klom uit de modder.
En hij rende ook achter het peperkoekmannetje aan.
Nu renden er vijf achter hem aan.
Maar het peperkoekmannetje bleef het snelst.
Hij dacht dat niemand hem ooit zou pakken.
8. De slimme vos 🦊
Toen kwam het peperkoekmannetje bij een brede rivier.
Hij stopte bij de oever.
Het water stroomde hard.
Hij kon niet zwemmen.
Wat moest hij doen?
Toen verscheen er een vos.
Met een dikke rode staart.
En een slimme glimlach.
"Hallo, peperkoekmannetje," zei de vos lief.
"Heb je hulp nodig om over te steken?"
Het peperkoekmannetje keek achterom.
Het vrouwtje, het mannetje, de koe, het paard en het varken
kwamen eraan rennen.
Hij moest snel naar de overkant.
"Ja, graag," zei het peperkoekmannetje.
"Kunt u me helpen?"
De vos glimlachte sluw.
"Natuurlijk," zei hij.
"Spring op mijn staart, dan zwem ik over."
9. Op de staart van de vos 🌊
Het peperkoekmannetje sprong op de staart van de vos.
De vos zwom de rivier in.
Het water was koud en diep.
Het peperkoekmannetje hield zich goed vast.
"Wat fijn," dacht hij.
Maar toen zei de vos:
"Het water wordt dieper.
Ga maar op mijn rug zitten,
anders word je nat."
Het peperkoekmannetje klom op zijn rug.
Ze zwommen door.
De anderen bleven staan bij de oever.
Zij konden niet over.
Het peperkoekmannetje kwam weg.
Hij voelde zich slim.
10. Steeds verder 👃
Even later zei de vos:
"Het water is nóg dieper.
Ga maar op mijn kop zitten,
anders word je nat."
Het peperkoekmannetje klom op zijn kop.
Toen zei de vos:
"Nu is het zó diep.
Ga maar op mijn neus zitten,
anders word je helemaal nat."
Het peperkoekmannetje klom op zijn neus.
Het peperkoekmannetje zat op de neus van de vos.
Hij keek naar de overkant.
"Bijna!" riep hij blij.
"U bent zo lief, meneer Vos."
De vos glimlachte alleen maar.
11. HAP! 😮
Ze kwamen bij ondiep water.
De vos was bijna bij de oever.
Het peperkoekmannetje wilde eraf springen.
Maar ineens…
HAP!
De vos gooide zijn neus omhoog.
Het peperkoekmannetje vloog door de lucht
en viel zo in de bek van de vos.
KRAK!
De vos at hem in twee happen op.
"Heerlijk," zei de vos.
Hij likte zijn lippen.
Het peperkoekmannetje was weg.
De vos liep de oever op.
Hij keek terug.
De anderen stonden nog aan de overkant.
Ze zagen er teleurgesteld uit.
12. Wat gebeurde er met iedereen 🌅
Het oude vrouwtje en het oude mannetje gingen naar huis.
Ze waren verdrietig, maar niet verbaasd.
"Tja," zei het vrouwtje,
"het peperkoekmannetje was heel snel.
Maar de vos was heel slim."
De koe ging terug naar haar veld.
Het paard ging terug naar de stal.
Het varken ging terug naar de modder.
Ze waren moe van het rennen.
Maar ze hadden het wel leuk gevonden.
13. Het maaltijdje van de vos 🍽️
De vos liep door het bos.
Zijn buik was vol en blij.
"Dat was het beste eten ooit," dacht hij.
"Het peperkoekmannetje was snel,
maar ik was slimmer."
Hij dacht aan het opscheppen.
"Ren, ren, zo hard als je kan," hoorde hij in zijn hoofd.
De vos grinnikte.
"Snel zijn is niet alles," zei hij.
"Soms is slim zijn beter."
14. De les 📖
En het peperkoekmannetje?
Die leerde ook een les.
Maar voor hem was het te laat.
Hij was te trots geweest.
Hij dacht dat hij sneller was dan iedereen.
Hij dacht dat niemand hem kon pakken.
Maar hij vergat voorzichtig te zijn.
En hij vertrouwde de verkeerde.
De moraal is:
Wees niet te trots.
Schep niet te veel op.
En pas op wie je vertrouwt.
Ook al ben je snel en slim,
er kan altijd iemand zijn die nóg slimmer is.
15. Een nieuwe dag 🌄
De volgende dag zei het oude vrouwtje:
"Zullen we nog een peperkoekmannetje bakken?"
Het oude mannetje dacht even na.
"Misschien gewoon peperkoekkoekjes deze keer," zei hij.
Ze moesten allebei lachen.
Ze bakten gewone peperkoekkoekjes.
Die kwamen niet tot leven.
Die renden niet weg.
Ze aten ze met thee.
En ze waren heerlijk.
En zo leefden het vrouwtje en het mannetje gelukkig.
Ze bakten nooit meer een wegrennend peperkoekmannetje.
De vos leefde ook tevreden,
en hij dacht nog vaak aan zijn slimme truc.
En iedereen leerde iets van het avontuur.